Richtlijnen

 

 

Richtlijnen voor auteurs van de Cahiers ‘Geschiedenis van de Geneeskunde en Gezondheidszorg’

 

Algemeen

 

De Nederlandstalige cahierreeks ‘Geschiedenis van de Geneeskunde en Gezondheidszorg’ (= GGG) ressorteert juridisch onder de Belgische Vereniging Zonder Winstoogmerk Hospitium: de Vereniging voor de Geschiedenis van de Hospitalen en de Zorg. (www.hospitium.be )    

De redactie vraagt aan de auteurs bij de inzending van hun kopij het volgende:

–        dat hij het recht van publicatie aan ‘Geschiedenis van de Geneeskunde en Gezondheidszorg’ overdraagt;

–        dat het manuscript niet tezelfdertijd aan een ander tijdschrift of boekpublicatie is aangeboden;

–        dat hij ermee akkoord gaat dat de redactie zijn kopij aan haar recensenten voorlegt;

–        dat de met name genoemde personen, die op enigerlei wijze aan het totstandkomen van het artikel hebben bijgedragen, akkoord gaan met de vermelding van hun naam;

–   dat de betrokkenen toestemming hebben gegeven tot het publiceren van reeds eerder verschenen materiaal of van foto’s waarop een persoon herkenbaar is.

 

Indien mogelijk zou de redactie de tekst graag als bijlage per e-mail ontvangen of op een CD. Bij voorkeur als document in een recente versie van Microsoft Word voor Macintosh/Windows.

U wordt uitdrukkelijk verzocht de tekst niet zelf op te maken.

 

De auteursgegevens moeten volledig zijn, met dien verstande dat van iedere auteur de juiste titulatuur, voorletters, functie, adres, (mobiel) telefoonnummer, eventueel faxnummer en emailadres worden genoemd. Gelieve een volledig adres door te sturen en geen ‘postbusadres’.

 

Indien er meerdere auteurs aan één artikel gewerkt hebben en elk een evenwaardig aandeel hebben in de totstandkoming daarvan, vermeldt u de namen in alfabetische volgorde. Indien de aandelen verschillend zijn vermeldt u eerst de auteur(s) met het grootste aandeel en vervolgens de andere auteur(s).

 

 

 

Auteursrecht

 

Door inzending van het manuscript geeft de auteur aan dat hij het auteursrecht overdraagt aan de uitgever. De uitgever heeft het exclusieve recht het artikel te publiceren in de gehele wereld gedurende de volledige termijn van het auteursrecht. De auteur behoudt het recht zijn artikel elders te publiceren. Hiertoe dient hij/zij slechts de uitgever op de hoogte te stellen en erop toe te zien dat het originele werk juist wordt vermeld en dat de copyright-regel letterlijk wordt overgenomen.

 

Behandeling tekst door de redactie na ontvangst

De tekst wordt direct bij binnenkomst bekeken op naleving van de algemene richtlijnen (lengte, vorm, illustraties enz.).

Daarna wordt de tekst door twee specialisten uit de (gast)redactie of het ondersteunend wetenschappelijk comité , gespecialiseerd in het vakgebied waar het onderwerp van de tekst onder gerangschikt kan worden, beoordeeld.

De commentaren van de beoordelaars worden verzameld en de kernredactie beslist vervolgens of de tekst direct voor publicatie in aanmerking komt of niet, of dat de commentaren eerst verwerkt moeten worden. In dat geval krijgt de auteur de commentaren anoniem toegestuurd en kan hij de tekst, indien gewenst, binnen twee weken reviseren, waarna deze nogmaals door de kernredactie wordt beoordeeld.

Na acceptatie wordt de tekst taalkundig geredigeerd en vervolgens langs elektronische weg opgemaakt.
De artikels in de cahiers krijgen na het doorlopen van deze beoordelingsprocedure het wetenschappelijke ‘GPRC’-label (‘Guaranteed Peer Reviewed Copy’), erkend door de European Web of Sciences.

 

Opbouw artikel

Het artikel zelf, exclusief de samenvatting en de literatuurgegevens, moet minimaal 2.000 en maximaal 6.000 woorden lang zijn.

Het artikel dient voorzien te zijn van een Engelstalige abstract van minimaal 150 woorden en maximaal 300 woorden.

De inleiding moet een samenvatting van de uitgangspunten van het onderzoek of de observatie bevatten. Het vermelden van conclusies is hier niet noodzakelijk. De inleiding dient te worden besloten met één of meer helder geformuleerde, concrete vraagstellingen, bij voorkeur in de vorm van een ‘besluit’. De lengte hiervan is niet zozeer van belang.

De inhoud van het artikel wordt op heldere manier aan de lezer overgebracht. Het is aan te bevelen gebruik van vakjargon zoveel mogelijk te vermijden of te vervangen door begrijpelijke omschrijvingen.

 

Het artikel wordt bij voorkeur ingedeeld in alinea’s met koptitels en eventuele ondertitels.

 

Opbouw tekst

 

Getallen beneden de 20 worden in letters geschreven, tenzij gevolgd door lengte-, inhouds- of afstandsmaat. Boven de 20 worden de getallen altijd in cijfers geschreven. Eeuwen worden voluit geschreven.

vijftien kinderen

15 kilometer

325 patiënten

In de negentiende eeuw werden de achttiende-eeuwse denkbeelden afgeschaft.

 

De verwijzingen naar illustraties in de tekst zijn als volgt: men plaatst het illustratienummer voorzien van de afkorting fig. tussen ronde haakjes en vet in de tekst.

…. (fig. 1).

 

Alle geografische namen dienen in het Nederlands gesteld te zijn: Artesië, Parijs, Bazel etc.

Citaten korter dan drie regels worden in de lopende tekst gezet, tussen enkele aanhalingstekens en bij voorkeur in cursiefschrift. Citaten langer dan drie regels springen in en worden eveneens tussen enkele aanhalingstekens gezet. Indien hier sprake is van een vreemde taal (waaronder bij voorbeeld ook Middelnederlands) wordt de Nederlandse vertaling in een afzonderlijke voetnoot geplaatst.

 

Eveneens cursief zijn boektitels in de lopende tekst, ongeacht de taal.

 

‘Epilencia die comt van fleumen ende van melancolien. maer die gerechte epilencie es in die substancie van den herssenen ende daer omtrent ende daer buten. dese materie nes el nieuwer’ (r. 1534-1538).1

–––––––––––––––––––––

1 Epilepsie wordt veroorzaakt door flegma en door zwarte gal, maar de echte epilepsie zit in de substantie van de hersenen en daar in de buurt en daar buiten. Deze materie bevindt zich nergens elders.

 

Omstreeks 1310 heeft hij zijn beroemdste werk de Cyrurgie geschreven.

 

Opbouw illustraties

Het artikel bevat bij voorkeur minimaal 5 en maximaal 10 illustraties. Gezien de gewenste kwaliteit bij het drukken zijn de volgende voorwaarden essentieel.

Bij voorkeur digitale aanlevering op CD: als TIF- of JPG-bestand zonder compressie met een resolutie van minimaal 300 dpi op het af te drukken formaat (liever nog: 400 dpi.)

Geef bij elk digitaal bestand het nummer en een omschrijving van de illustratie aan, dit mag in een afzonderlijk documentje aangeleverd worden.

 

Opbouw voetnoten

 

De toelichtingen die niet in de doorlopende tekst passen en archief- of literatuurverwijzingen worden als voetnoten opgemaakt.

 

Voetnoten die naar publicaties verwijzen worden als volgt weergegeven volgens een ‘verkorte notitie’, indien de publicaties opgenomen worden in de bibliografie achteraan het artikel:

–        de achternaam van de auteur, gevolgd door paginanummer(s);

–        bij meer titels van één auteur voorafgegaan door het jaartal tussen ronde haken;

–        bij meer werken van één auteur in één jaar eerst de achternaam, vervolgens het jaartal tussen ronde haken en daarna een trefwoord van de titel tussen aanhalingstekens en ten slotte de bladzijde.

–        Bij verwijzingen naar antieke auteurs worden de afkortingen gebruikt zoals in de A Greek English Lexicon van Liddell Scott Jones en de Oxford Latin Dictionary.

1 Horstmanshoff 33.

2 Beukers (2005) 46.

3 Van Hee (2007) ‘Ziekenhuizen’ 65.

4 Arist. Mete. 379b12-380a11.

5 Hor. S. 1.6.107.

 

Indien u verwijst naar een publicatie die niet in de bibliografie is opgenomen, dient u wel de volledige verwijzing in de betreffende voetnoot op te nemen (zie onderstaande richtlijnen).

 

Voetnoten dienen beschouwd te worden als bondige verwijzingen of toelichtingen die achteraan de tekst worden opgenomen. Zij mogen geen essentiële uitweidingen omvatten of lange tekststukken. Fundamentele inhoud ter ondersteuning van het artikel dient in de ‘doorlopende’ tekst te worden opgenomen. Gelieve dus spaarzaam te zijn met het gebruik van voetnoten.

 

Opbouw bibliografie

 

Een lijst met relevante, algemene literatuur wordt achteraan afzonderlijk toegevoegd. De bibliografie wordt in alfabetische volgorde opgemaakt, gesorteerd naar de achternaam van de auteur. Namen met tussenvoegsels als ‘De’, ‘Der’, ‘Van’ en ‘Van Der’ komen achter de voorletters.

Plaatsen van uitgave worden in het Nederlands gesteld: Parijs, Londen, Doornik.

 

Hoofdletters in Nederlandse titels worden alleen gebruikt in eigennamen en aan het begin van hoofd- en subtitels. In titels van andere talen worden de algemeen geldende regels gehandhaafd.

 

Het verwijzen naar boeken, tijdschriften en bundels dient te geschieden als in de volgende voorbeelden:

 

Bij boeken:

Achternaam auteur, voorletters, titel boek in cursief plaats van uitgave, jaartal.

Horstmanshoff, H.F.J., De pijlen van de pest. Pestilenties in de Griekse wereld (800-400 v.C.) (Amsterdam 1989).

 

Bij tijdschriftartikelen:

Achternaam auteur, voorletters, naam artikel niet cursief maar wel tussen enkele aanhalingstekens, naam tijdschrift in cursief en voluit, jaargangnummer, jaartal tussen ronde haken, eventueel deelnummer, bladzijden.

Tilburg, C.R. van, ‘Büchner en de Goudse grachten’, Geschiedenis der Geneeskunde 12 (2008) 5, 289-295.

 

Bij bundels:

Achternaam auteur, voorletters, naam artikel niet cursief maar wel tussen enkele aanhalingstekens, in: achternaam redacteur, voorletters redacteur, (ed.) of (eds), naam bundel in cursief, plaats van uitgave en jaartal tussen ronde haken, bladzijden.

Beukers, H., ‘De heftige beweging der geesten. Een mechanistische interpretatie van pijn’, in: Horstmanshoff, H.F.J. (ed.), Pijn en balsem, troost en smart. Pijnbeleving en pijnbestrijding in de oudheid (Rotterdam 1994) 109-125.

 

Bij een congresbundel (zonder genoemde redacteuren) geldt de volgende schrijfwijze:

Maragi, M., ‘Hygiène urbaine et hygiène industrielle d’après Ulysse Aldrovandi (1522-1605)’, in: Proceedings of the XXXIIIrd Congress of the ISHM (Granada 1992) 665-669.

 

Bij een artikel in encyclopedie:

Keil, G., ‘Anatomie (Antike und Mittelalter)’, in: Gerabek,W.E., Haage, B.D., Keil, G. en Wegner, W. (eds), Enzyklopädie Medizingeschichte (Berlijn/New York 2005) 55-57.

 

Antieke auteurs als volgt weergeven:

Hippocrates, De aere aquis locis. Jones, J. (ed.), Airs, Waters, Places (Cambridge MA 1977).

 

Manilius, Astronomica. Wageningen, J. van (ed.) (Leiden 1914).

 

Bij verwijzingen naar een archief: eerst de naam en locatie van het archief voluit in cursief, vervolgens het bestand in gewoon schrift en daarachter het archiefnummer aangeduid met (n°), vervolgens (eventueel verkort) de titel of omschrijving van de concrete archiefbundel tussen enkele aanhalingstekens en ten slotte waar mogelijk vermelding van folio (f°) en afgekort recto (r°) of verso (v°):

Stadsarchief Antwerpen, Gilden en Ambachten n° 1514, ‘Stedelijke verordening jaar 1681 voor het chirurgijns- en barbiersambacht’, f° 34 r°.

 

Middeleeuwse en vroegmoderne auteurs als volgt weergeven.

Er wordt een punt geplaatst tussen het oorspronkelijke werk en een moderne heruitgave of vertaling.

Indien duidelijk sprake is van een voor- en achternaam, op achternaam in de bibliografie. Indien dit niet het geval is, op voornaam.

Auteurs geboren vóór 1800 krijgen de voornaam voluit indien die bekend is.

De naam wordt weergegeven als voor- of achternaam, in het Latijn of de volkstaal, wat het meest gebruikelijk is: Vesalius (niet: Van Wesel); Descartes (niet: Cartesius).

 

Mondino von Luzzi, Anathomia Mu[n]dini, Martin Pollich von Mellerstadt (ed.) (Leipzig ca. 1493). Kohl, J. (ed.) (München 1990).

 

Vesalius, Andreas, De humani corporis fabrica (Bazel 1543).

 

Descartes, René, Oeuvres de Descartes. Adam, C. en Tannery, P. (eds) (Parijs 1897-1913).

 

Bij zaken waarin deze richtlijnen niet voorzien, beslist de eindredacteur, na overleg met de hoofdredactie.

Aldus opgemaakt door de Redactie van ‘Geschiedenis van de Geneeskunde en Gezondheidszorg’ op 12 december 2012.